Geld Dit bericht gaat over geld, geld en nog eens geld. Kwaad geld. Slecht geld. Goed geld. Goed geld is het ideale ruilmiddel als je wil samenwerken en efficiënt de taken en plichten wil verdelen. Kwaad geld is heel naar spul, dat kan worden ingezet als zelfs levens er niet meer toe doen. Slecht geld komt veel voor, zonder dat je het merkt zelfs vaak. Zoals ‘in woekerpolissen’, als verstopte te hoge kosten en premies.
Woekeren De manieren waarop slecht geld kan woekeren: dat moet je maar even door hebben. Je moet ook en vooral kunnen rekenen. Als dan blijkt dat er sprake is van nadeel en schade dan nog ben je er niet, als je je schade wil verhalen. De macht van de sterken is niet in evenwicht met de veel mindere tegenkracht van de slachtoffers. Je moet er maar zin in hebben om er wat aan te doen als je zo’n woekerpolis hebt, je moet heel veel tijd hebben, je moet het snappen, je moet een dikke huid hebben, veel tijd, …….. en geld. Dat winnen de verzekeraars altijd. Tenzij, …..
Jammer Gisteren werd een jammere dag. Een partij op de markt van de financiële diensten heeft al lange tijd aangeboden mij, het Financieel Dagblad heeft mij ‘de nestor van de woekerpolissen genoemd’, bij de procedures tegen de verzekeraars te ondersteunen met concrete middelen. Helaas, gisteren gaf men aan dat toch niet te doen omdat men repercussies tegen hun eigen bedrijf vreest. Waarom: omdat er is aangekondigd dat ik aanstaande maandag aangifte ga doen bij de politie in verband met de gedragingen van de Nationale-Nederlanden, de ASR en de Consumentenbond. Op strafrechtelijke gronden dus. Na de voorbereiding met het Openbaar Ministerie en de politie is er nu dus door de politie besloten de aangiften op te nemen.
Water aan de lippen De terugtrekking van een (hoofd-)sponsor heeft in dit geval nogal grote gevolgen. De investeringen in onderzoek, dossieropbouw en de uitvoering van de handelingen kost het nodige geld. Relatief echt heel veel, als je het alleen moet opbrengen. En dat gaat niet meer. Het water aan de lippen zeggen we dan, c.q. het water overstroomt al. Tijd om serieus om medestand te vragen. Jij kan me helpen de laatste stappen te zetten: ‘de recente zogenaamde schikkingsvoorstellen die zijn uitgewerkt, maar nog helemaal niet feitelijk tot stand zijn gekomen, heb ik “hypocriete flutregelingen” genoemd’. Dat blijkt niet te kunnen worden tegengesproken en er zit meer in het vat. We gaan het werk afmaken.
Financieel Verbond Echte krachtenbundeling daar gaat het nu om. En ja, ik vraag echt om je hulp voor de laatste loodjes. Voor een goed beeld: de Nationale-Nederlanden heeft mij een bedrag van € 12.100,= geschonken voor het juridisch vooronderzoek van de strafrecht aangiften tegen de genoemde partijen. Recht behalen is lastig, helemaal als het Openbaar Ministerie ‘er geen zin in heeft’. Edoch: juist het Openbaar Ministerie benoemt ‘rechtvaardigheid’ als hun kerntaak. We hebben een zaak, we hebben gerede kansen. Allemaal redenen om echt te gaan samenwerken en een verbond te vormen: een Financieel Verbond waarbij je je kunt aansluiten. Om het leven te delen.
Achmea Achmea heeft zijn oorsprong in de negentiende eeuw, met de oprichting van de Onderlinge Brandwaarborg Maatschappij ‘Achilles’ in 1811. Deze maatschappij werd opgericht door boeren en burgers in de regio Achterhoek om zich gezamenlijk te verzekeren tegen brandschade aan hun eigendommen. In 1989 fuseerde ‘Achilles’ met een andere coöperatieve verzekeraar genaamd ‘Centraal Beheer’ om Achmea te vormen. Centraal Beheer was opgericht in 1909 als een onderlinge verzekeringsmaatschappij voor werknemers van de Nederlandse Spoorwegen. De geschiedenis van Achmea illustreert de evolutie van coöperatieve verzekeringen in Nederland en het belang van solidariteit en samenwerking bij het beschermen van individuen en gemeenschappen tegen risico’s.
Groter en groter Door de jaren heen heeft Achmea zijn diensten en productaanbod uitgebreid, en het is nu een van de grootste verzekeraars en financiële dienstverleners in Nederland. Het bedrijf biedt een breed scala aan verzekeringen, waaronder zorg-, schade- en levensverzekeringen, evenals pensioen- en vermogensbeheerproducten. Achmea heeft ook verschillende dochterondernemingen en merken onder zijn vleugels, waaronder Interpolis, Zilveren Kruis, en FBTO. Het blijft een coöperatieve verzekeraar, wat betekent dat het bedrijf eigendom is van de verzekerden en dat winsten worden teruggegeven aan de leden in de vorm van premiekortingen of andere voordelen.
Ledenadministratie, …..
Doekje voor het bloeden Verzekeraars – waaronder Achmea – zetten nu, samen met verschillende belangenbehartigers, regelingen in de steigers om te komen tot ‘zogenaamde woekerpolis-schikkingen’ (beter: compensaties / tegemoetkomingen) om de schade door niet transparante kosten en premies met een relatief geldbedrag voor de polishouders acceptabel te maken. Op de valreep: juridische procedures werden tot het uiterste gelengd en vlak voor de eindstreep, van het ontstaan van jurisprudentie, werd dan dezer dagen een zogenaamd resultaat bereikt. Zogenaamd: want nog steeds is het zo dat tenminste 90% van de bereikte polishouders, deelnemers, nog akkoord moet gaan. Vele mensen zijn het zat en kijken straks tegen een minimale pleister tegen het bloeden aan. En nog wel een vergoeding uit de eigen zak van de polishouders zelf.
De weg kwijt Per regeling valt er nog wel het één en ander op te merken. Zo zijn per verzekeraar en polistype de oorzaken van de woekerpolis-schade niet altijd het zelfde. Dergelijke nare verschijnselen sluipen als het ware in het bedrijf, worden een systeemonderdeel. De betrokken verantwoordelijken denken er ook mee weg te kunnen komen. Al gaande is men misschien de geschiedenis vergeten en normaal gaan maken wat niet normaal is. ‘Verzekeren’ is en blijft in de kern een heel eenvoudig iets: alleen kun je de risico’s niet aan, daarom vorm je een groep en als er wat met iemand gebeurt heb je samen een (spaar)pot om met elkaar het slachtoffer te helpen. Buiten de groep premiebetalers en schadegerechtigden zijn er geen andere belanghebbenden.
Het belang bepaalt de mening Met het groter worden kwamen er meer belanghebbenden op het speelveld. Besturen van de verenigingen en directies van de bedrijven kwamen op een grotere afstand te staan van de verzekerden, de leden van de coöperatie. De overheid, de ‘staat’, als verantwoordelijke voor het toezicht op het gedrag en de financiële weerbaarheid van de verzekeraars. De vraag is waar het belang van de verzekerden is gebleven? Zoals nu bij de zogenaamde schikkingen? Er wordt gesproken over zogenaamd grote bedragen aan compensaties. Wie betaalt de rekening van de zogenaamde schikkingen en waar komt het geld eigenlijk vandaan? Hoe zit dat eigenlijk precies bij ‘een vereniging met leden die de winst verdelen’?
Horen, zien en zwijgenóf zelf even rekenen, terug naar af De ouderwetse verzekeraar, zoals de “Achilles”, spaart zijn pot bij elkaar door de inleg van de verzekerden. Maakt wat kosten en keert schades uit. Blijft er wat over dan wordt de winst voor een deel gereserveerd voor mogelijk hele grote tegenslagen, de rest van de winst wordt weer onder de verzekerde leden verdeeld en uitgekeerd als winstdeling. Bij de huidige grote clubs gaat het kennelijk anders. Het verdwenen woekerpolisgeld is zogenaamd weg. De geldstromen zijn onduidelijk, de rechtsprocedures tot het uiterste gerekt zonder dat er recht is gesproken en iedereen is er moe van gemaakt. ‘De staat’ staat er bij er kijkt er naar. Tenzij, ……. men er toe komt zelf te bepalen hoe men zelf kan nadenken én rekenen. Als je even een moment neemt: hoeveel geld is er weg? Waar is het gebleven? Waar komt het geld voor de schikkingen werkelijk vandaan? Welke leden betalen voor welke leden? Wat gaat er gebeuren als men de solidariteit en samenwerking weer vorm geeft en een eigen Financieel Verbond vormt? ‘Terug naar af’.
Dé vraag Stel dat het geld voor de zogenaamde schikkingen niet afkomstig is van degenen die echt van ‘het woekeren’ hebben geprofiteerd, maar in werkelijkheid wél van alle polishouders die daarom hogere premies moeten betalen en minder in de winst kunnen delen. Is het dan niet zo dat met de zogenaamde schikkingen, die nog helemaal niet rond zijn, er juist nog meer woekerpolissen bij gaan komen? Kwestie van even rekenen. (Als je hier anders over denkt dan vernemen wij dat graag).
a.s.r. De a.s.r. is een Nederlandse verzekeringsmaatschappij die haar oorsprong heeft als “Assurantie Stad Rotterdam” dat ontstond in 1720, een tijd waarin handel en scheepvaart bloeiden in Rotterdam. In dat jaar richtte een groep kooplieden en handelaren de ‘Onderlinge Assurantie Compagnie van de Stad Rotterdam’ op. Het doel was om zich te beschermen tegen de risico’s die verbonden waren aan de maritieme handel, zoals schade aan schepen en ladingen door stormen, piraterij en andere gevaren op zee. De oprichting van deze onderlinge verzekeringsmaatschappij was een reactie op de behoefte van handelaren om zich te beschermen tegen financiële verliezen door onvoorziene gebeurtenissen. Door samen te werken en risico’s te delen, konden ze de financiële impact van rampen verminderen.
‘De beurs (weer) op: groter en groter In de loop der jaren heeft het bedrijf verschillende namen en eigenaren gehad. In 1997 werd het onderdeel van Fortis, een Belgisch-Nederlandse financiële dienstverlener. Na de financiële crisis van 2008 werd Fortis genationaliseerd door de Nederlandse en Belgische overheden. Als onderdeel van de reddingsoperatie werd a.s.r. in 2008 afgesplitst en genationaliseerd door de Nederlandse staat. Dit leidde tot de heroprichting van ‘Assurantie Stad Rotterdam’ onder de naam ‘ASR Nederland’. Onder het staatsbeheer werd a.s.r. gereorganiseerd en gericht op herstel. Het bedrijf richtte zich op kernactiviteiten zoals levensverzekeringen, schadeverzekeringen en pensioenen. In 2016 werd a.s.r. succesvol geprivatiseerd en ging het weer naar de beurs. Na de beursgang heeft a.s.r. zich verder ontwikkeld tot een van de toonaangevende verzekeraars in Nederland. Het bedrijf heeft verschillende overnames en fusies, zoals recent met de Aegon, doorgevoerd om zijn marktpositie te versterken en zijn dienstverlening uit te breiden. Het bedrijf richt zich ook op duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen, wat een belangrijk onderdeel is geworden van de bedrijfsstrategie.
Duurzaam en maatschappelijk verantwoord
Doekje voor het bloeden Verzekeraars – waaronder de a.s.r. – zetten nu, samen met verschillende belangenbehartigers, regelingen in de steigers om te komen tot ‘zogenaamde woekerpolis-schikkingen’ (beter: compensaties / tegemoetkomingen) om de schade door niet transparante kosten en premies met een relatief geldbedrag voor de polishouders acceptabel te maken. Op de valreep: juridische procedures werden tot het uiterste gelengd en vlak voor de eindstreep, van het ontstaan van jurisprudentie, werd dan dezer dagen een zogenaamd resultaat bereikt. Zogenaamd: want nog steeds is het zo dat tenminste 90% van de bereikte polishouders, deelnemers, nog akkoord moet gaan. Vele mensen zijn het zat en kijken straks tegen een minimale pleister tegen het bloeden aan. En nog wel een vergoeding uit de eigen zak van de polishouders zelf.
De weg kwijt Per regeling valt er nog wel het één en ander op te merken. Zo zijn per verzekeraar en polistype de oorzaken van de woekerpolis-schade niet altijd het zelfde. Dergelijke nare verschijnselen sluipen als het ware in het bedrijf, worden een systeemonderdeel. De betrokken verantwoordelijken denken er ook mee weg te kunnen komen. Al gaande is men het kompas en de weg kwijtgeraakt en normaal gaan maken wat niet normaal is. ‘Verzekeren’ is en blijft in de kern een heel eenvoudig iets: alleen kun je de risico’s niet aan, daarom vorm je een groep en als er wat met iemand gebeurt heb je samen een (spaar)pot om met elkaar het slachtoffer te helpen. Buiten de groep premiebetalers en schadegerechtigden zijn er geen andere belanghebbenden.
Het belang bepaalt de mening Met het groter worden kwamen er meer belanghebbenden op het speelveld. Aandeelhouders, met een verre afstand van de verzekerden. De overheid, de ‘staat’, als verantwoordelijke voor het toezicht op het gedrag en de financiële weerbaarheid van de verzekeraars. De vraag is waar het belang van de verzekerden is gebleven? Zoals nu bij de zogenaamde schikkingen? Er wordt gesproken over zogenaamd grote bedragen aan compensaties. Maar hoe relatief is het als de bedragen aan schadevergoedingen vergelijkbaar kunnen worden gesteld met de beloningsstructuren voor aandeelhouders en de beloningen en bonussen voor directeuren? Wie betaalt de rekening van de zogenaamde schikkingen en waar komt het geld eigenlijk vandaan?
Horen, zien en zwijgenóf zelf even rekenen, terug naar af De ouderwetse verzekeraar, zoals de “Assurantie Stad Rotterdam” spaart zijn pot bij elkaar door de inleg van de verzekerden. Maakt wat kosten en keert schades uit. Blijft er wat over dan wordt de winst voor een deel gereserveerd voor mogelijk hele grote tegenslagen, de rest van de winst wordt weer onder de verzekerden verdeeld en uitgekeerd als winstdeling. Bij de huidige grote jongens gaat dat anders. Het verdwenen woekerpolisgeld is zogenaamd weg. De aandeelhouders zijn anoniem, de bonussen als ‘rechten uitgekeerd’, de rechtsprocedures tot het uiterste gerekt zonder dat er recht is gesproken en iedereen is er moe van gemaakt. ‘De staat’ staat er bij er kijkt er naar. Tenzij, ……. men er toe komt zelf te bepalen hoe men zelf kan nadenken én rekenen. Als je even een moment neemt: hoeveel geld is er weg? Waar is het gebleven? Waar komt het geld voor de schikkingen werkelijk vandaan? Wat gaat er gebeuren als men wederom in staat is ‘als het stormt zelf het kompas weer ter hand te nemen’ en een eigen Financieel Verbond vormt? ‘Terug naar af’.
Dé vraag Stel dat het geld voor de zogenaamde schikkingen niet afkomstig is van degenen die echt van ‘het woekeren’ hebben geprofiteerd, maar in werkelijkheid wél van alle polishouders die daarom hogere premies moeten betalen en minder in de winst kunnen delen. Is het dan niet zo dat met de zogenaamde schikkingen, die nog helemaal niet rond zijn, er juist nog meer woekerpolissen bij gaan komen? Kwestie van even rekenen. (Als je hier anders over denkt dan vernemen wij dat graag).
Doekje voor het bloeden Verzekeraars zetten nu, samen met verschillende belangenbehartigers, regelingen in de steigers om te komen tot ‘schikkingen’ (beter: compensaties / tegemoetkomingen) te komen om de schade door niet transparante kosten en premies met een relatief geldbedrag voor de polishouders acceptabel te maken. Op de valreep: juridische procedures werden tot het uiterste gelengd en vlak voor de eindstreep, van het ontstaan van jurisprudentie, werd dan zogenaamd een resultaat bereikt. Zogenaamd: want nog steeds is het zo dat tenminste 90% van de bereikte polishouders, deelnemers, nog akkoord moet gaan. Vele mensen zijn het zat en kijken straks tegen een minimale pleister tegen het bloeden aan.
De weg kwijt Per regeling valt er nog wel het één en ander op te merken. Zo zijn per verzekeraar en polistype de oorzaken van de woekerpolis-schade niet altijd het zelfde. Een doorgeslagen bonuscultuur en kaders van opzettelijke misleiding komt echt niet bij elke verzekeraar voor. Dergelijke nare verschijnselen sluipen als het ware in het bedrijf, worden een systeemonderdeel. De betrokken verantwoordelijken denken er ook mee weg te kunnen komen. Al gaande is men de weg kwijtgeraakt en normaal gaan maken wat niet normaal is. ‘Verzekeren’ is en blijft in de kern een heel eenvoudig iets: alleen kun je de risico’s niet aan, daarom vorm je een groep en als er wat met iemand gebeurt heb je samen een (spaar)pot om met elkaar het slachtoffer te helpen. Buiten de groep premiebetalers en schadegerechtigden zijn er geen andere belanghebbenden.
‘Mijn glas, loopt ras’ Bijvoorbeeld de Nationale-Nederlanden. De roots van Nationale-Nederlanden liggen in het Nederland van de 18e eeuw. Regionale fondsen werden toen opgericht om mensen van bepaalde dorpen, beroepsgroepen, maar ook weduwen en wezen te verzekeren tegen tegenslag. Vele hadden een zinspreuk in hun naam. Zoals het Begrafenisfonds ‘Mijn glas, loopt ras’. Vele, kleine, maatschappijen zijn in de loop van de 19e en 20e eeuw overgenomen door Nationale-Nederlanden. Zoals bijvoorbeeld de ‘Hollandsche Societeit van Levensverzekeringen’ uit 1807. Dit was de eerste maatschappij die gebruik maakte van wetenschappelijk berekende sterftetafels en premies. Twee bedrijven hebben de Nationale-Nederlanden gevormd: ‘De Nederlanden van 1845’, een brandverzekeraar uit Zutphen en de ‘Nationale-Levensverzekering-Bank’, opgericht in 1863 in Rotterdam. In 1963 fuseerden deze twee, waarbij de combinatie van een stevige binnenlandse positie en een grote internationale ervaring maakte dat Nationale-Nederlanden de grootste verzekeraar van Nederland werd.
Groter en groter Het nieuwe bedrijf moest zich blijven wapenen tegen de concurrentie. Ondanks buitenlandse overnames, met name in de Verenigde Staten was versterking op de binnenlandse distributiemarkt noodzakelijk. Die werd gevonden in 1991 toen Nationale-Nederlanden fuseerde met de NMB Postbank Groep om een geheel nieuwe vorm van financiële dienstverlener te creëren: Internationale Nederlanden Group (ING). In de eerste jaren werden internationale banken overgenomen, later volgden ook verzekeraars. In korte tijd had ING een sterke positie verworven met internationaal aanzien. Nationale-Nederlanden bleef onder haar eigen naam actief.
Too big to fail Tijdens de kredietcrisis kreeg ING in 2008 een lening van de Nederlandse staat waarna zij door de Europese Commissie werd gedwongen de bank- en verzekeringsactiviteiten te splitsen. Sinds 2 juli 2014 is het nieuwe NN Group N.V. beursgenoteerd aan Euronext in Amsterdam, waarvan Nationale-Nederlanden het Nederlandse onderdeel is. In 2017 nam NN Group Delta Lloyd over en zijn de activiteiten in Nederland en België samengegaan. NN Group is met de merken Nationale-Nederlanden, NN, ABN AMRO Insurance, Movir, AZL, BeFrank en OHRA actief.
Het belang bepaalt de mening Met het groter worden kwamen er meer belanghebbenden op het speelveld. Aandeelhouders, met een verre afstand van de verzekerden. De overheid, de ‘staat’, als verantwoordelijke voor het toezicht op het gedrag en de financiële weerbaarheid van de verzekeraars. De vraag is waar het belang van de verzekerden is gebleven? Zoals nu bij de zogenaamde schikkingen? Er wordt gesproken over zogenaamd grote bedragen aan compensaties. Maar hoe relatief is het als de totale som van aan schadevergoedingen vergelijkbaar is met een bonusuitkering aan wat directeuren? Wie betaalt de rekening en waar komt het geld eigenlijk vandaan?
Horen, zien en zwijgenóf zelf even rekenen De ouderwetse verzekeraar spaart zijn pot bij elkaar door de inleg van de verzekerden. Maakt wat kosten en keert schades uit. Blijft er wat over dan wordt de winst voor een deel gereserveerd voor mogelijk hele grote tegenslagen, de rest van de winst wordt weer onder de verzekerden verdeeld en uitgekeerd als winstdeling. Bij de grote jongens gaat dat anders. Het verdwenen woekerpolisgeld is zogenaamd weg. De aandeelhouders zijn anoniem, de bonussen als ‘rechten uitgekeerd’, de rechtsprocedures tot het uiterste gerekt zonder dat er recht is gesproken en iedereen is er moe van. ‘De staat’ staat er bij er kijkt er naar. Tenzij, ……. men er toe komt zelf te bepalen hoe men zelf kan nadenken. Als men zelf even gaat rekenen: hoeveel geld is er weg? Waar is het gebleven? Waar komt het geld voor de schikkingen werkelijk vandaan? Wat gaat er gebeuren als men wederom in staat is om te zeggen ‘Draagt Elkanders Lasten’, als men een eigen Financieel Verbond vormt? ‘Terug naar af’.
Dé vraag Stel dat het geld voor de zogenaamde schikkingen niet afkomstig is van degenen die echt van ‘het woekeren’ hebben geprofiteerd, maar in werkelijkheid wél van alle polishouders die daarom hogere premies moeten betalen en minder in de winst kunnen delen. Is het dan niet zo dat met de zogenaamde schikkingen, die nog helemaal niet rond zijn, er juist nog meer woekerpolissen bij gaan komen? Kwestie van even rekenen.
René Graafsma, nestor woekerpolissen: “Schikkingsvoorstellen woekerpolissen zijn veel te laag, daarom bewijslast omkeren”
Bilthoven, 9 februari 2024 – “De huidige voorgestelde schikkingen van woekerpolissen met Nationale-Nederlanden, Delta Lloyd, a.s.r. en Aegon – met alle voorgaande merken en handelsnamen – zijn flutvoorstellen”, zegt René Graafsma die in de verzekeringsbranche bekendstaat als de nestor van de woekerpolissen. De betreffende overeengekomen compensatiebedragen zijn volgens hem veel te laag omdat er sprake was van dwaling. Om die reden heeft hij het Financieel Verbond opgericht, bestemd voor consumenten die in de periode 1985-2010 een woekerpolis hebben gekocht bij bovengenoemde verzekeraars. Inschrijving bij het Financieel Verbond is vanaf vandaag mogelijk.”
Graafsma komt tot zijn oordeel over de schikkingsvoorstellen, omdat de totale kosten voor de verzekeraars uitkomen op iets meer dan een 3 miljard euro, inclusief eerdere schikkingen. Dit terwijl volgens de door hem ontwikkelde Graafsma-methode de totale schade kan worden begroot tussen de 40 en 50 miljard euro. “Er zijn in de periode 1985-2010 ruim 7 miljoen polissen afgesloten bij 4 miljoen consumenten. Als je dit deelt door de bedragen van de schikkingsvoorstellen van Nationale-Nederlanden en a.s.r., inclusief betrokken merken, en weet dat consumenten uiteindelijk negatieve rendementen hadden, dan zie je gelijk dat de uitkomst van de onderhandelingen in feite amoreel is. Juridisch gezien is hier zelfs sprake van dwaling als je kennis hebt van de werkelijke geschiedenis en feiten.”
De G-methoden De ontzettend vele verschillende soorten polissen en contracten maken het volgens Graafsma bijzonder ingewikkeld om tot rechtvaardige compensatieberekeningen te komen. “Kom je tot de kern van de zaak dan zijn de berekeningen terug te brengen tot zes verschillende berekeningswijzen: de G1 tot en met G6.”
G7-methode Om een goede beoordeling te kunnen maken van de rechtvaardigheid van een schikking heeft Graafsma een nieuwe eenvoudige wijze van berekenen uitgewerkt: de G7-methode. De G7-berekening vergelijkt de waarde van een schikkingsvoorstel met de op jurisprudentie gebaseerde – en in de praktijk bewezen – G1- tot en met G6-methoden. “Iemand die zich heeft aangemeld weet dan op basis van duidelijke uitgangspunten waar hij aan toe is. De uitkomst kent twee smaken. Ofwel je bent tevreden met het schikkingsvoorstel en je accepteert die. Ofwel je bent niet tevreden en je laat het Financieel Verbond onder meer uit jouw naam een (aanvullende) procedure uitvoeren.”
Aandelenkoersen verzekeraars gestegen Graafsma is dan ook van mening dat de verzekeraars Nationale-Nederlanden en a.s.r. als de ogenschijnlijke winnaars uit de onderhandelingen zijn gekomen. Daarbij wijst hij op de gestegen aandelenkoersen van de verzekeraars, kort na het bekendmaken van de schikkingsvoorstellen. “Maar feitelijk zijn er nog geen afgeronde schikkingen. Eerst moet 90 procent van de gedupeerden die zijn aangesloten bij de claimorganisaties akkoord gaan met de individuele voorstellen. Dat duurt nog wel even. Daarom ligt hier een kans om een echt rechtvaardige deal tot stand te brengen, zoals het hoort in een functionerende rechtsstaat.”
Bewijslast omkeren Wat de claimorganisaties volgens Graafsma wel goed hebben gedaan is dat een beperkt deel van de compensatie bestemd is voor ‘schrijnende gevallen’ en voor consumenten die niet zijn aangesloten bij een van de claimorganisaties. “Alleen, de definitie van de term schrijnende gevallen is nog niet bekend en mogen de verzekeraars zelf formuleren. Dat schept dus nog geen duidelijkheid.” Omdat er volgens Graafsma sprake was van dwaling wil hij ook niet wachten op die definitie. “Alle polishouders hebben minder opbrengsten gekregen uit hun beleggingsproduct dan voorgesteld door de verzekeraars. Dat is dwaling omdat de oorzaken van de schade mede het gevolg zijn van opzettelijke misleiding. Om die reden stel ik dat alle polishouders van Nationale-Nederlanden en a.s.r. schrijnende gevallen kunnen zijn, omdat ze vanwege het onrechtmatig handelen van de verzekeraars voldoen aan de daarvoor geldende normen. Met een eenvoudige toetsing (de G7-methode) is dit voor de polishouders individueel te bevestigen.”
Adviseurs en tussenpersonen Tevens maakt de G7-methode volgens Graafsma duidelijk of het zin heeft de ‘schrijnende-gevallen’-procedure aan te vatten. “Dat is mede van groot belang voor de adviseurs en tussenpersonen die, juist ook onder het zogenaamde flankerend beleid uit zorgplicht voor hun klanten, ‘het schrijnen zullen moeten onderzoeken’.” Graafsma verwijst voor deze expliciete gedachtegang naar gesprekken die hij heeft gevoerd met de voormalige Ombudsman Verzekeringen Jan Wolter Wabeke. “De verzekeraars moeten vervolgens maar aantonen dat het niet zo is.”
Alle polissen met een beleggingscomponent Het gaat dan volgens Graafsma om consumenten met spaarpolissen, hypotheekpolissen in combinatie met een levensverzekering, oudedagsvoorzieningen zoals lijfrentepolissen en overlijdensrisicoverzekeringen. “De kenmerkende overeenkomst tussen al deze polissen is dat ze een beleggingscomponent bevatten. Consumenten met polissen die al tot uitkering zijn gekomen komen ook in aanmerking, net als nabestaanden van mensen die in het verleden een dergelijke polis hebben afgesloten. En uiteraard zijn ook consumenten welkom bij het Financieel Verbond die nu zijn aangesloten bij een van de andere claimorganisaties.”
Kapitaalverzekeringen met winstdeling Anders dan de claimorganisaties wil Graafsma eveneens inzetten op kapitaalverzekeringen met winstdeling. Hij heeft namelijk ontdekt dat de statuten van bepaalde verzekeraars gedurende de looptijd van deze verzekeringen tussentijds zijn aangepast. Dat deden verzekeraars door bijvoorbeeld het te verdelen winstpercentage te verlagen, of door de definitie van het winstbegrip te wijzigen. “Vanwege deze misleiding tijdens de looptijd schaar ik deze verzekeringen ook onder de woekerpolissen.”
‘Post’ U ontvangt dit bericht als ‘Open Brief’ omdat door ‘blokkades aan de poort’ al lange tijd berichten aan u niet door de directie en het secretariaat van uw afdeling ‘Verenigingszaken’ aan u persoonlijk, als geadresseerden, worden doorgestuurd. Ook signaleringen daarvan aan andere personen en organen van uw Consumentenbond heeft dat niet kunnen veranderen. Artikel 201 Wetboek van Strafrecht zegt daarover op vergelijkbare wijze: “Hij die opzettelijk brieven of andere stukken, aan een post- of telegraafkantoor bezorgd of in een postbus gestoken, aan hun bestemming onttrekt, opent of beschadigt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie”. Bovendien is het in een verenigingsstructuur, met leden als de echte belang- en stemgerechtigden, helemaal een slecht voorstelbare gang van zaken. Helaas.
Gesloten systemen Het moeten gebruiken van ‘open brieven’ om vertegenwoordigers te kunnen bereiken lijkt zich af te tekenen als een standaard karakteristiek van ‘gesloten systemen’, die er blijkbaar voor kiezen ‘een ander geluid niet te willen horen’. Voor de Consumentenbond staat dat niet op zich. Het bredere perspectief, bijvoorbeeld, kwam tijdens de Bondsraadvergadering van 2020 aan de orde. De voorzitter van uw Raad van Toezicht, destijds de heer Pieter Broertjes, sprak tijdens deze vergadering uit: – “nieuwe energie breekt niet door; – het gaat om transparantie; – het gaat om zichtbaarheid; – met een streven naar een jonger profiel; – er is een gemis aan inhoudelijk debat; – het gaat om het consumentenvertrouwen dat moet verbeteren”; – met het oog op maatschappelijke urgentie; – waarbij ook gekaderd werd: de vraag hoe strategie aan de directie gemandateerd is, zoals vergroening, ….. én participatie, – ………. én dat het budget niet van elastiek is”. De heer Broertjes wilde zijn periode “met een gerust hart afronden”. Of de wisseling van de wacht voor de heer Broertjes met een gerust hart is verlopen kunnen we natuurlijk niet zomaar zeggen.
‘Woekerpolissen’ De Consumentenbond speelt dezer dagen een hoofdrol bij het tot stand komen van ‘zogenaamde schikkingen betreffende ‘woekerpolissen’. Daar zijn, in het belang van alle polishouders en leden de nodige opmerkingen bij te maken en vragen bij te stellen. Voor de specifieke invulling van deze opmerkingen en vragen is dit niet de juiste plaats. Maar wel is er voldoende aanleiding de leden van de Bondsraad om een gesprek te vragen om eens van gedachten te wisselen. Om aan de hand van het concrete dossier en de juridische studies (onder andere mogelijk gemaakt door de Nationale-Nederlanden) de gang van zaken en de werkelijke betekenis te beoordelen ten aanzien van de belangenbehartiging voor alle polishouders en leden van de Consumentenbond. Immers, dat zijn de eigen woorden en stellingnames van uw Consumentenbond.
Bij deze.
Voor wie? Het gaat er om dat de zogenaamde schikkingsregelingen niet alleen als mogelijk subliminaal kunnen worden beschouwd maar ook grote kans maken jammerlijk te kunnen falen. Met wéér erg veel tijdverlies. Terwijl er ook gekozen kan worden voor het behartigen van de belangen van alle polishouders en leden met een gefundeerd juridisch perspectief. Transparant.
Een gerust hart Met de woorden van de heer Broertjes: het gaat om transparantie, zichtbaarheid, een inhoudelijk debat, met het oog op de maatschappelijke urgentie, met het juiste budget, …… én met een gerust hart.
‘Woekerpolisschikkingen: een hypocriete flutregeling’.
(Eerder gepubliceerd 7 januari 2024).
Zwart licht Verzkeraars melden een akkoord te hebben bereikt met belangenorganisaties, de Consumentenbond voorop, ‘voor een finale regeling voor klanten met een beleggingsverzekering’. (Bij de klanten bekend als woekerpolissen’). Men stelt dat daarmee de juridische procedures kunnen worden beëindigd en het dossier kan worden afgerond. Is dat echt zo? Of wordt er een spel gespeeld waarmee de rechtsstaat de kansen om van zogenaamde tegemoetkomingen en zogenaamde compensaties échte schikkingen te maken dreigt te verliezen? De stelling is dat het bedoelde akkoord kan worden gezien als een hypocriete flutregeling, ……. als je door het ‘zwarte licht’ heen kunt zien.
Woordenboek: flut Nnl. flut ‘minderwaardig persoon’ in ijdle flutten [1859; WNT], flut ‘iets prulligs’ [1919; WNT]. Als eerste lid ‘waardeloos’ in flutpapier [1859; WNT], flutblaadje ‘oppervlakkig, waardeloos blaadje’ [1931; WNT Aanv.]. Herkomst onduidelijk. Wrsch. uit westelijke dialecten in de standaardtaal opgenomen: Zeeuws flut ‘blut; leeg’ (de theepot is flut), misschien ook Vlaams flutsen ‘broddelwerk afleveren’ (bij Gezelle, Loquela); Zaanstreek fluter ‘dun, licht iets zonder waarde’. Wrsch. ontwikkeld uit pgm. *flut- en dus identiek aan nnl. vlot 2 bn. ‘snel, makkelijk’. In dat geval af te leiden van vlieten. De betekenisontwikkeling kan zijn ‘vloeibaar’ > ‘gezwind’ > ‘vluchtig, zonder diepgang’. Het achterwege blijven van de ontwikkeling fl- > vl- treedt vooral op bij korte klinker in gesloten lettergreep, zie bijv. flabberen. Als eerste lid in samenstellingen heeft flut- een zekere mate van productiviteit; de beperking lijkt te zijn dat het woord op een menselijke creatie moet slaan, zoals in flutwerk, flutverhaal.
Logboek Wij hebben over de afgelopen ‘woeker-jaren’ een ‘woeker-logboek’ bijgehouden. Een te dik boek en met teveel hoofdstukken en bladzijden om het verhaal in één keer goed te vertellen. Zo zijn er meerdere invalshoeken: niet alleen het civiel recht, maar ook een bestuursrechtelijk en strafrechtelijk kader. Met betrekking tot dat laatste bijvoorbeeld: ‘toen de Hoofd-Officier van Justitie óók over de woekerpolissen werd aangeschreven antwoordde hij “uw brieven gaan ongelezen het dossier in”. Weer ‘zwart licht’. Het niet normale normaal gemaakt, spelletjes.
Spelletjes Ze spelen een spel, ze spelen het spel dat ze geen spel spelen. Als je niet mee doet word je verstoten, als je wel mee doet word je gek.
Financieel Verbond Maar als je kennis en vaardigheden deelt: dan word je én niet verstoten én niet gek. ‘Dan kun je dansen met het systeem’. Als het klaar is met het negeren komen ‘ze’ echt wel een keer met je praten. Als je meedoet en jij je ook aanmeldt dan krijg je nog meer informatie en middelen dan alleen de publicaties van de bladzijden uit het logboek. Als jij ook weet wat de echte feiten zijn, als jij ook weet wat de echte mogelijkheden zijn, dan komt er aan de misleidingen een eind en dan kun je handelen. Dan kun jij, met echte vrienden, in verbinding, de ander uitleggen wat écht schikken is. Doe mee met het echte Financieel Verbond (klik link).
Stilte voor de storm: bonussen Als het stil blijft en er toch iets niet klopt kun je, terwijl er ook nog bonussen worden vastgesteld, er van spreken dat zwijgen voor de daders is. Bij deze een verslag en de geschiedenis van een vergadering.
De stilte van nu: het zwijgen Het fenomeen van stilte in het oog van een orkaan is te wijten aan de manier waarop een orkaan draait en hoe luchtstromen eromheen werken. Een orkaan is een krachtige tropische cycloon met een centrale kern van lage luchtdruk, bekend als het oog. In het oog van de orkaan is de luchtdruk extreem laag. De windsnelheden in het oog zijn over het algemeen veel lager dan in de rest van de storm. Wanneer de orkaan zich verplaatst, bewegen de winden rondom het oog in een circulaire beweging. De lucht stijgt op in de buitenste randen van de orkaan en daalt neer in het oog. Deze dalende lucht zorgt ervoor dat de luchtdruk in het oog lager wordt. Wat betreft de stilte in het oog: omdat de lucht in het oog neerdaalt, worden de wolken en stormactiviteiten verminderd. Dit leidt tot een tijdelijke periode van kalmte en verminderde wind in het oog van de orkaan. De omgeving kan stil aanvoelen, en de lucht kan zelfs opklaren. Deze stilte kan echter van korte duur zijn, afhankelijk van hoe snel de orkaan zich verplaatst.
De komende storm Wanneer het oog van de orkaan voorbij is en de andere zijde van de storm de locatie bereikt, worden de krachtige winden en de hevige neerslag hervat. Het is dus essentieel voor mensen in gebieden die door een orkaan worden getroffen om zich bewust te zijn van het feit dat de stilte in het oog slechts een tijdelijk fenomeen is, en voorbereid te blijven op de komende stormachtige omstandigheden.
Opeens doen verzekeraars, in het bijzonder de ASR / AEGON, voorstellen om te komen tot schikkingen met het doel de geschillen met betrekking tot ‘beleggingsverzekeringen’ met consumenten voor eens en altijd op te lossen. Men denkt het boek te kunnen sluiten. De eigen kantoren voorziet men van grote ramen, men bouwt ‘Glazen Huizen’ en men verkondigt transparantie. Is de woekerpolisaffaire daarmee echt voorbij? Misschien wel niet! Als men in werkelijkheid kan blijven spreken (en doen) van ‘indirecte transparantie’ dan blijft de boel verduistert in ‘zwart licht’. Mensen willen door de bomen het bos kunnen en blijven zien. Het lijdt geen twijfel dat er nog veel dossiers zullen blijven liggen en dat polishouders vragen zullen hebben wat het allemaal betekent voor hun persoonlijke situatie. Voor deze polishouders is er het ‘Zwart Licht Loket’, voor meer licht in de duisternis.Voor antwoorden op vragen die ‘niet zomaar even kunnen worden weggeschikt’alsof de vragen er niet zijn.Alsof mensen niet zelf kunnen nadenken.
Geschiedenis De zogenaamde ‘woekerpolisaffaire’ kent inmiddels een jarenlange geschiedenis. De woekerpolis als een product van zo wordt wel gezegd ‘het grootste financiële schandaal in Nederland aller tijden’. Het gaat dan om beleggingsverzekeringen met een buitengewoon ingewikkelde structuur met navenant buitengewoon ingewikkelde juridische kaders. Bijvoorbeeld als u een gebrek van het product wil aantonen en uw schade wil verhalen. Er worden, nog steeds, jarenlange gerechtelijke procedures over dergelijke schadeclaims gevoerd.
De rechter Zo deed op 11 februari 2022 de Hoge Raad een uitspraak op prejudiciële vragen. Die werden vervolgt met uitspraken van het Gerechtshof Den Haag inzake procedures tegen de Nationale-Nederlanden en de AEGON op 26 september 2023. Deze laatste twee uitspraken kennen voor de consumenten nog veel gunstig lijkende open einden en de betreffende verzekeraars besloten in cassatie te gaan. Vertegenwoordigers van consumenten spraken over een ‘grote overwinning’ en bleven van mening dat er voor miljarden aan schade vergoed zal gaan worden als de rechters uiteindelijk hun definitieve uitspraken zullen hebben gedaan. Al met al, ook procedureel vanwege het karakter van collectieve procedures, een nog bijzonder juridisch ingewikkelde en langdurig vervolg te gaan.
Deal? Op 29 november 2023 berichtte de verzekeraar ASR (daarmee tevens de AEGON) dat men het dossier beleggingsverzekeringen ging sluiten op basis van een bereikt akkoord met de belangenorganisaties Consumentenclaim, Woekerpolis.nl, Woekerpolisproces, Wakkerpolis en de Consumentenbond. Blijkbaar voor de verzekeraars een hele goede deal, direct waren beleggers er in ieder geval heel blij mee, de aandelen van de verzekeraars stegen prompt aanzienlijk in waarde.
90% Om de regeling te laten effectueren is er de voorwaarde dat van de aangesloten leden bij de consumentenorganisaties voor ten minste 90% akkoord gaan met het aan hen uit te brengen individuele voorstel dat zal worden gedaan.
Zwart Licht Loket Deze consumenten zullen met veel vragen zitten. Om hen daarbij te helpen opent René Graafsma het ‘Zwart Licht Loket’ om, als men dat wil, de mensen bij hun vragen te helpen en indien gewenst hun persoonlijke situatie te beoordelen. Middels de nieuwsbrief de ‘Telegraafsma’ zullen mensen die zich melden bij het ‘Zwart Licht Loket’ op de hoogte gehouden worden van de ontwikkelingen, de mogelijke vragen en de gevonden antwoorden.
Schrijnende gevallen en adviseurs Zo is er bijvoorbeeld een aanvullende regeling voor zogenaamde ‘schrijnende gevallen’, ook voor niet-leden van de consumentenorganisaties. Mensen zullen willen weten of men voor deze aanvullende regeling in aanmerking komt. Daarbij komt ook dat er een noodzakelijk belangrijke rol is voor de betrokken adviseurs (als ook accountants, juristen, advocaten, enzovoort). Zij hebben de bijbehorende zorgplicht om de processen goed te begeleiden. In de afgelopen rechtsgang van de beleggingsverzekeringen tot nu toe heeft het flankerend beleid zich voor de adviseurs, als nieuw juridisch toetsingskader met terugwerkende kracht, tot die verantwoordelijkheid in ieder geval nog wel ontwikkeld. Daarom zullen er bij het ‘Zwart Licht Loket’ ook ter zake van belang zijnde opleidingen en trainingen voor de verschillende doelgroepen worden aangeboden.
Hebben we nu transparantie na de voorgestelde schikkingen? Een vraag is nu of met dergelijke regelingen zoals die nu worden besproken, maar nog geen feit zijn, de woekerpolisaffaire voorbij is? Wel als men de huidige berichten ziet en ook bij monde van iemand die er echt wel verstand van heeft, de heer Arnoud Boot met zijn publicaties vanaf het begin (1995) en 18 jaar later (2013, ….). Maar dan alleen omdat de belanghebbenden ‘uitgestorven zouden zijn’, ……..??
Tegenmacht Rechtvaardigheid is geen vanzelfsprekend begrip. Helemaal niet als er sprake is van machtsongelijkheid. Zoals tussen banken, pensioenfondsen, verzekeraars en de consument. Geld is macht, zo eenvoudig is het. Maar toch, als er maar voldoende éénlingen zich verenigen kan er tegenmacht ontstaan.
Woekeren Als een probleem niet echt wordt opgelost dan gaat het woekeren. En blijft het woekeren. De systemen worden er mee vergiftigd en uiteindelijk wordt het hart en de ziel van de mensen geraakt. Een inmiddels traditioneel voorbeeld daarvan is dus de woekerpolis. De beleggingsverzekering als een op zich prachtig product maar toch met allemaal verborgen gebreken die in een wereld van door de overheid en toezichthouders ondanks alles toch toegelaten-niet-transparantie kon floreren. Je zag en ziet het niet in het zwarte licht. Tot dat toch de wal het schip keerde en er scheuren kwamen in het beeld van deze woekerpolissen, inmiddels dus al jaren geleden en nog steeds niet echt opgelost.
Recht spreken Er werden organisaties opgericht om voor de belangen van de consumenten op te komen. Tot op de dag van vandaag zijn deze nog steeds actief. Een belangrijke factor daarbij is het tempo waarmee rechtsprekende instanties uitspraken kunnen en willen doen. De tijd werkt in het voordeel van de verzekeraars. De verzekeraars maken er dan ook gebruik van om met dure, ellelange en uiterst ingewikkelde procedures ‘het sterven van de patiënt’ af te wachten. Zoals gezegd: de heer Arnoud Boot (hier te horen) is al lange tijd van mening dat de woekerpolisaffaire niet opgelost gaat worden maar zal uitsterven.
Verschillen Toch zijn er verschillen in de wijze waarop verzekeraars met de woekerpolissen en de klanten in hun bestand omgaan. De ene verzekeraar komt een klager anders tegemoet dan de andere verzekeraar. De eerste gaat echt in gesprek en treft een echte schikking. De tweede ontkent het bestaan van de hele problematiek en gebruikt elke juridische mogelijkheid om maar elke vorm van transparantie te vermijden. Om zoveel mogelijk ondoordringbaar zwart licht te laten schijnen. De klant uitputten en bij een teken van zwakte toeslaan of verder ongehinderd nalaten.
ASR Van de laatste categorie is de ASR nog steeds een voorbeeld. (Nadrukkelijk: een voorbeeld!) ondanks dat men nu met voorstellen komt. Als metafoor: het kantoorgebouw van de ASR is een paar jaar geleden van voor naar achter, van boven tot onder voorzien van glas. Een ware doorzonwoning, een ‘Glazen Huis’. Maar waait er echt een nieuwe wind? Hoe is de ventilatie? Is er ook in de werkzaamheden en het doen en laten echt iets veranderd? Weet men inmiddels dat men moet afzien van de zogenaamde ‘indirecte transparantie’ (met al dat glas, aan de gesloten voordeur)? Dat men zich niet meer per definitie onaantastbaar kan voelen binnen bij de warme haard en de bescherming van de gesloten achterdeur: de ‘toezichtsvertrouwelijkheid’?
Civiel recht versus strafrecht en bestuursrecht Vaak hoor je dus zeggen dat de woekerpolisaffaire wel achter de rug is: “het is een achterhoede gevecht”. Maar dat is een kwestie van perspectief. “Een kat in de zak blijft een kat in de zak”. De procedures die belangenbehartigers van de consument zijn aangegaan zijn voornamelijk van civiel rechtelijke aard. Met mede een substantiële financiële bijdrage (van vijf cijfers) van de Nationale-Nederlanden is een juridisch vooronderzoek gedaan naar de gebreken in het handelen van verzekeraars op strafrechtelijk gebied. En naar het ‘niet-optreden’ van verantwoordelijke partijen op bestuursrechtelijk gebied.
Uitgestorven? De vraag dus andermaal: ‘is de woekerpolisaffaire uitgestorven?’. Dat zal toch anders kunnen zijn dan de verzekeraars en vergelijkbare belangenbehartigers willen denken. De mensen die nu een schikkingsvoorstel gaan krijgen leven nog en zullen toch ook wel willen weten of hen recht is gedaan. Een levend mens kan nog steeds zelf rekenen. Een levend mens kan nog steeds bepalen hoe hij of zij zelf wil denken zonder dat er door een ander bepaalt wordt wat hij of zij moet denken. Een levend mens kan zelf beslissen en zelf voor de rechtvaardigheid als kernwaarde opkomen.
Pensioenen Daarbij komt ook: we staan nu voor een fundamentele wijziging van de wetgeving op pensioengebied. Wederom zijn er meerdere organisaties actief geworden om zich, ten behoeve van de pensioengerechtigden, tegen de voorgestelde veranderingen te verzetten. Het uitgangspunt is de wet uiteraard. Men legt de, meestal collectieve, zaken voornamelijk aan de civiele rechter voor. Ook bij de pensioenen schijnt het zwarte licht. De ervaringen met de woekerpolissen gaan de gebreken van de pensioenen mede aan het licht brengen. Rechters gaan uiteindelijk zeker hun werk doen, linksom of rechtsom er is geen ontkomen aan, in een zo zeer door ons allen gekoesterde rechtsstaat. De echte woekerzaken gaan nu beginnen!
Het vervolg Op basis van het genoemde door de Nationale-Nederlanden mogelijk gemaakte vooronderzoek verschuift de noodzaak van de juridische beoordeling van het civielrechtelijke naar het strafrechtelijke en bestuursrechtelijke perspectief door ter zake procedures op te starten, de volgende fase. Daar is wel extra hulp bij nodig om in de juridische bijstand te kunnen voorzien. (Sorry, …..). We gaan van de achterhoede naar de voorhoede, gezamenlijk, met jouw hulp.
De verschillende publicaties zullen in de tijd over meerdere weken / maanden worden gespreid om het proces optimaal interactief vorm te geven. Alle feiten en ervaringen zullen worden beschreven in het boek ‘Zwart Licht’ dat daarmee ter definitieve publicatie kan worden afgerond.
Zwart licht 29 november jongstleden werd bekend dat de verzekeraar ASR (en daarmee ook de AEGON) een akkoord hebben bereikt met belangenorganisaties, de Consumentenbond voorop, ‘voor een finale regeling voor klanten met een beleggingsverzekering’. (Bij de klanten bekend als woekerpolissen’). Men stelt dat daarmee de juridische procedures kunnen worden beëindigd en het dossier kan worden afgerond. Is dat echt zo? Of wordt er een spel gespeeld waarmee de rechtsstaat de kansen om van zogenaamde tegemoetkomingen en zogenaamde compensaties échte schikkingen te maken dreigt te verliezen? De stelling is dat het bedoelde akkoord kan worden gezien als een hypocriete flutregeling, ……. als je door het ‘zwarte licht’ heen kunt zien.
Woordenboek: flut Nnl. flut ‘minderwaardig persoon’ in ijdle flutten [1859; WNT], flut ‘iets prulligs’ [1919; WNT]. Als eerste lid ‘waardeloos’ in flutpapier [1859; WNT], flutblaadje ‘oppervlakkig, waardeloos blaadje’ [1931; WNT Aanv.]. Herkomst onduidelijk. Wrsch. uit westelijke dialecten in de standaardtaal opgenomen: Zeeuws flut ‘blut; leeg’ (de theepot is flut), misschien ook Vlaams flutsen ‘broddelwerk afleveren’ (bij Gezelle, Loquela); Zaanstreek fluter ‘dun, licht iets zonder waarde’. Wrsch. ontwikkeld uit pgm. *flut- en dus identiek aan nnl. vlot 2 bn. ‘snel, makkelijk’. In dat geval af te leiden van vlieten. De betekenisontwikkeling kan zijn ‘vloeibaar’ > ‘gezwind’ > ‘vluchtig, zonder diepgang’. Het achterwege blijven van de ontwikkeling fl- > vl- treedt vooral op bij korte klinker in gesloten lettergreep, zie bijv. flabberen. Als eerste lid in samenstellingen heeft flut- een zekere mate van productiviteit; de beperking lijkt te zijn dat het woord op een menselijke creatie moet slaan, zoals in flutwerk, flutverhaal.
Logboek Wij hebben over de afgelopen ‘woeker-jaren’ een ‘woeker-logboek’ bijgehouden. Een te dik boek en met teveel hoofdstukken en bladzijden om het verhaal in één keer goed te vertellen. Zo zijn er meerdere invalshoeken: niet alleen het civiel recht, maar ook een bestuursrechtelijk en strafrechtelijk kader. Met betrekking tot dat laatste bijvoorbeeld: ‘toen de Hoofd-Officier van Justitie óók over de woekerpolissen werd aangeschreven antwoordde hij “uw brieven gaan ongelezen het dossier in”. Weer ‘zwart licht’. Het niet normale normaal gemaakt, spelletjes.
Spelletjes Ze spelen een spel, ze spelen het spel dat ze geen spel spelen. Als je niet mee doet word je verstoten, als je wel mee doet word je gek.
Financieel Verbond Maar als je kennis en vaardigheden deelt: dan word je én niet verstoten én niet gek. ‘Dan kun je dansen met het systeem’. Als het klaar is met het negeren komen ‘ze’ echt wel een keer met je praten. Als je meedoet en jij je ook aanmeldt dan krijg je nog meer informatie en middelen dan alleen de publicaties van de bladzijden uit het logboek. Als jij ook weet wat de echte feiten zijn, als jij ook weet wat de echte mogelijkheden zijn, dan komt er aan de misleidingen een eind en dan kun je handelen. Dan kun jij, met echte vrienden, in verbinding, de ander uitleggen wat écht schikken is. Doe mee met het echte Financieel Verbond