Zwijgen is voor daders

‘Even persoonlijk’, …………..

De zaak van Dascha — en de noodzaak van een rechtsstaat die zichzelf durft te onderzoeken

In de nacht van 27 op 28 november 2015 overleed mijn zestienjarige dochter Dascha bij het spoor in Hilversum. Wat daarna volgde, heeft mijn leven en dat van mijn gezin, familie en vrienden, veel mensen, voorgoed veranderd. Niet alleen door het verlies van Dascha, maar ook door de wijze waarop politie en Openbaar Ministerie met haar overlijden, het onderzoek, de beschikbare informatie en met ons als nabestaanden zijn omgegaan. Zie dit s.v.p. als ‘de inspiratie- en motivatiebron’.

Scenario’s
De zaak werd vrijwel onmiddellijk als zelfdoding beschouwd. Die vroege kwalificatie heeft in belangrijke mate bepaald welke feiten wel en niet werden onderzocht, welke scenario’s aandacht kregen en welke vragen onbeantwoord bleven. In de jaren daarna kwamen steeds meer feiten, documenten, forensische bevindingen en tegenstrijdigheden naar voren die niet pasten bij de oorspronkelijke voorstelling van zaken. Het kostte jaren om informatie boven tafel te krijgen. Informatie die vanaf het begin beschikbaar had behoren te zijn. Onafhankelijke onderzoekers en deskundigen hebben het dossier beoordeeld. Zij stelden fundamentele vragen bij het verrichte onderzoek, de interpretatie van de feiten en de conclusies die daarop waren gebaseerd.

Geen conclusies zonder onderzoek
De zaak van Dascha gaat daarom niet alleen over wat er die nacht met haar is gebeurd. Zij gaat ook over wat er kan gebeuren wanneer een onderzoek te vroeg een bepaalde richting krijgt, tegenspraak onvoldoende wordt toegelaten en een overheidsorganisatie niet werkelijk in staat of bereid blijkt het eigen handelen opnieuw te onderzoeken.

Niet zwijgen

De titel Zwijgen is voor daders is niet uitsluitend gericht op degene of degenen die verantwoordelijk zijn voor de dood van Dascha. Zwijgen kent meerdere verschijningsvormen. Het is het zwijgen over informatie die niet in de gekozen lezing past. Het niet beantwoorden van gerechtvaardigde vragen. Het niet herstellen van aantoonbare fouten. Het niet vastleggen of verstrekken van essentiële beslissingen. Het beschermen van een eerdere conclusie, terwijl nieuwe feiten om heroverweging vragen.

‘Ruimte’
Maar zwijgen kan ook ontstaan uit angst, groepsdruk, loyaliteit, bestuurlijke voorzichtigheid of institutionele zelfbescherming. Mensen binnen organisaties kunnen zien dat iets niet klopt en toch geen ruimte ervaren om zich uit te spreken. Een organisatie kan daardoor gesloten raken, ook wanneer veel individuele medewerkers hun werk integer proberen te doen. Daarom is dit geen aanklacht tegen iedere politieman, rechercheur of officier van justitie. De strafrechtketen wordt gedragen door professionals die vaak onder grote druk en met beperkte capaciteit moeilijke beslissingen moeten nemen. Juist voor hen moet er ruimte bestaan om twijfel uit te spreken, aannames te heroverwegen en fouten te melden zonder dat dit onmiddellijk als bedreiging voor de organisatie wordt gezien.

Wie zwijgt over een fout, maakt herstel onmogelijk. Wie een fout onderzoekt en erkent, beschermt het recht.

De zaak van Dascha is geen unicum

In Nederland zijn meer families die na een overlijden, vermissing of ernstig misdrijf met onbeantwoorde vragen achterblijven. Zij ervaren dat een eerste politiehypothese moeilijk te doorbreken is, informatie ontoegankelijk blijft of nieuwe aanwijzingen niet werkelijk worden onderzocht. Iedere zaak kent haar eigen feiten. Niet iedere vergissing is een misdraging en niet iedere onjuiste conclusie is het gevolg van kwade wil. Maar wanneer dezelfde patronen in verschillende zaken terugkeren, moeten wij verder kijken dan het handelen van één persoon of één onderzoeksteam.

Dan komen systeemvragen in beeld:

  • Hoe wordt een eerste hypothese gevormd en getoetst?
  • Welke alternatieve scenario’s zijn daadwerkelijk onderzocht?
  • Hoe wordt tunnelvisie voorkomen?
  • Wat gebeurt er met informatie die door nabestaanden wordt aangeleverd?
  • Wie beoordeelt onafhankelijk of een onderzoek zorgvuldig en volledig is geweest?
  • Hoe worden fouten vastgelegd, hersteld en vertaald naar structurele verbetering?
  • Wie controleert politie en Openbaar Ministerie wanneer de bestaande correctiemechanismen tekortschieten?

Dit zijn geen vragen tégen de rechtsstaat. Het zijn vragen die noodzakelijk zijn om de rechtsstaat te beschermen.

Leefwereld en systeemwereld

Voor nabestaanden gaat een zaak over een mens: een dochter, zoon, vader, moeder, broer of zus. Over een leven, een geschiedenis en de onbeantwoorde vraag wat er werkelijk is gebeurd. Binnen de systeemwereld wordt diezelfde werkelijkheid vertaald naar registraties, bevoegdheden, processen-verbaal, onderzoeksprioriteiten, juridische kwalificaties en beslissingen over capaciteit. Die vertaling is noodzakelijk, maar kan de menselijke werkelijkheid ook aan het zicht onttrekken.

Schuren
Wanneer het systeem zegt dat een zaak is afgerond, betekent dat voor nabestaanden niet dat de waarheid is gevonden. Wanneer een dossier formeel is gesloten, zijn de feitelijke vragen niet automatisch verdwenen. Daar ontstaat het schuren tussen leefwereld en systeemwereld: tussen wat een organisatie administratief heeft afgesloten en wat in de werkelijkheid nog altijd niet is verklaard.

Van persoonlijke strijd naar maatschappelijke opdracht

Het boek Zwijgen is voor daders beschrijft de zaak van Dascha, het onderzoek daarnaar en de jarenlange zoektocht naar feiten, openheid en erkenning. Het vertelt wat institutionele geslotenheid met mensen doet, maar kijkt ook verder dan onze persoonlijke geschiedenis. De bedoeling is niet uitsluitend om vast te leggen wat is misgegaan. De zaak van Dascha vormt tevens een bron van kennis. Zij laat zien waar onderzoek, besluitvorming, communicatie, toezicht en rechtsbescherming kwetsbaar kunnen worden.

Die kennis willen wij beschikbaar maken voor slachtoffers en nabestaanden, maar ook voor politiemensen, officieren van justitie, advocaten, wetenschappers, bestuurders en volksvertegenwoordigers. Vanuit Platform Nexus Justitia willen wij bijdragen aan betere opleiding, onafhankelijke dossieranalyse, professionele tegenspraak, multidisciplinaire samenwerking en tijdige toetsing van beslissingen om een onderzoek te beëindigen.

Niet vanuit vijandschap tegenover politie of Openbaar Ministerie, maar vanuit een fundamentele overtuiging:

Een sterke rechtsstaat is niet een rechtsstaat waarin geen fouten worden toegegeven. Een sterke rechtsstaat is een rechtsstaat die fouten kan onderzoeken, erkennen en herstellen.

Zwijgen beschermt het verleden. Waarheid beschermt de toekomst.